|

Scholen maken mensen — een boek uit 1967 dat nog altijd schuurt

Vorige week lanceerde Telos Uitgevers het heruitgegeven Scholen maken mensen van M.J. Langeveld in Dokhuis, met een inleiding van Joop Berding. Op weg naar die lancering (her)las Jan Jaap Hubeek, directeur-bestuurder van NIVOZ, het boek. Het was niet makkelijk. Máár het raakte wel weer. Het boek uit 1967 is namelijk nog altijd actueel. Langeveld stelt de vraag: waarom gaan we eigenlijk naar school? Wat moet daar gebeuren tussen volwassene en kind?

Zijn antwoord is eenvoudig: op school worden mensen gemaakt. School is geen bedrijf. Het is de plek waar zich, in een door volwassenen gemaakte wereld, een stuk menswording voltrekt.

Op school moet er gewerkt, geleerd en gepresteerd worden. Langeveld neemt de leerstof zéér serieus: een school zonder kennis, zonder cultuuroverdracht, zonder echte taken is voor hem geen school. We geven door wat het kind nooit zelf zou kunnen uitvinden: taal, geschiedenis, wiskunde, vakmanschap. Maar al die kennis draagt bij. Wat de school maakt is geen ‘geslaagde’ leerling.
Het is een mens.

Langeveld noemt dat “zelfverantwoordelijke zelfbepaling”: een mens die zelf kan kiezen, zelf kan antwoorden, en zelf de verantwoordelijkheid draagt. Geen autonomie als ieder-voor-zich, maar gedragen vrijheid. Daar werkt een school naartoe.

Vier gedachten uit het boek die blijven hangen

De leraar als amfibie:
Een leraar moet in twee werelden tegelijk thuis zijn: die van het kind en die van de volwassene. Wie alleen kind blijft, voedt niet meer op. Wie alleen volwassene blijft, “staat in de leegte te schreeuwen.” Beide tegelijk: moeilijk. En precies dáár ligt het vakmanschap.

De plek achter het gordijn:
De “geheime plaats” van het kind. De zolder, een hoekje, het plekje achter het gordijn. Een niemandsland waar het kind mag dromen en verdwalen. Langeveld pleit liefdevol voor “een stuk niemandsland dat niet in systeem mag worden gebracht.” Waar vind je die plek vandaag, nu we altijd connected zijn, data constant wordt gemeten en kinderen via schermen en algoritmes permanent zichtbaar zijn?

Strengheid uit deemoed:
Echte strengheid komt volgens Langeveld voort uit hechten aan waarden. Wie streng is zonder deemoed, is enkel harteloos. Deemoed is geen onderdanigheid, maar morele kracht: de moed om een taak op je te nemen die groter is dan jezelf. Dat woord is uit ons vocabulaire verdwenen. Misschien moeten we het terughalen?

“De moed die deemoed heet: de moed om de verplichting op ons te nemen, het leven van het kind een waardevolle en zinvolle leiding te geven.”

De school als steen des aanstoots:
Een goede school durft “nee” te zeggen. Tegen de overheid, tegen ouders, tegen de tijdgeest … als dat nodig is voor het kind. De school is niet de plek waar een kind zijn geestelijke vrijheid moet inleveren om soldaat te worden voor welk -isme dan ook.

Dit raakt het jaarthema van stichting NIVOZ: “De moed om weerstand te bieden.”

Mens blijven tussen systemen — Langeveld schreef het al in 1967.

Dit artikel is op 28 gepubliceerd op nivoz.nl

Similar Posts